Eerlijk gezegd, meneer de president, we zijn moe van het winnen. We zijn zo moe van het winnen dat ik u moet vragen te stoppen, we hebben te veel gewonnen, we kunnen het niet meer aan. Het is te veel winnen. Zo moe dat we vaak in de verleiding komen om ons af te vragen wat er had kunnen zijn, onbelast door wat er is geweest.